Logopedie

Wat is logopedie?

Logopedie is een paramedisch beroep in de gezondheidszorg en in het onderwijs. De logopedie houdt zich bezig met de preventie, het onderzoek en de behandeling van stoornissen en beperkingen op het gebied van spraak, taal, stem en gehoor.

Logopedie heeft inmiddels een hele ontwikkeling doorgemaakt. Logopedie houdt ook in: hulpverlening bij stoornissen en beperkingen in de communicatie. Communicatie is meer dan praten alleen. Communicatie omvat verschillende uitingsvormen, waaronder taal, lezen en schrijven enkele belangrijke vormen zijn.

Bron: Blux T., Kindt J., Lefevere S.; Informatiefolder: “Wat is logopedie?” (www.vvl.be).

Logopedie binnen Liraz

De totale benadering van het kind of de cliënt is een prioriteit. De logopediste behandelt niet louter ‘een probleem’, maar begeleidt ‘een persoon met een probleem’. Personen met spraak-, taal- en leerproblemen worden vaak op een onaangename manier met hun moeilijkheden geconfronteerd. Hierdoor ontwikkelen zij niet zelden gevoelens van agressie, faalangst, vermijdingsgedrag, … Daarom is het belangrijk dat er tijdens de logopedische begeleiding op een speelse en interactieve manier geoefend wordt, zodat er voor het kind of de cliënt een veilige omgeving gecreëerd wordt waarbinnen de persoon begrip, aanvaarding en aanmoediging ervaart.  

Wat doet een logopedist?

Een logopedist start met een grondig onderzoek. Op basis van dit onderzoek volgt een behandeling (therapie) die als doel heeft stoornissen in het normale communicatiegedrag te voorkomen, te beperken of te verhelpen.

Naast therapie geeft een logopedist ook adviezen en informatie. Op die manier begeleidt de logopedist ook de omgeving van mensen met spraak-, taal-, stem- en gehoorstoornissen.

Een logopedist werkt vaak samen met andere deskundigen (arts, tandarts, leerkracht, psycholoog of andere paramedici). Deze samenwerking is zeer belangrijk omdat een stoornis in de communicatie ook verholpen of gunstig beïnvloed kan worden door bijvoorbeeld een medische, een tandheelkundige, een psychologische of een andere behandeling.

Bron: Blux T., Kindt J., Lefevere S.; Informatiefolder: “Wat is logopedie?” (www.vvl.be).

Waarmee kunt u bij ons terecht?

Spraakstoornissen:

Articulatiestoornissen: Spraakklanken worden niet of verkeerd uitgesproken. Het kan dus zowel om een weglating, een vervanging of een vervorming gaan. De bekendste articulatiestoornissen zijn het lispelen en het niet kunnen uitspreken van de [r].

    • Afwijkend mondgedrag: er bestaat een duidelijk verband tussen mondgewoonten en articulatie. Afwijkend mondgedrag – zoals mondademen, duimzuigen en tongpersen (foutief slikken) – resulteert vaak in een spraakstoornis. Er is ook een verband tussen gebitsafwijkingen en afwijkende mondgewoonten. Vaak behandelt de logopedist afwijkende mondgewoonten en articulatie samen. De orthodontist behandelt dan de gebitsafwijking.

    • Motorische spraakstoornissen (dysartrie): bij patiënten met een aandoening van het zenuwstelsel is meestal ook de spraak gestoord. Bij kinderen gaat het om hersenverlamming of spierziekte. Bij volwassenen is er sprake van een verworven stoornis (bijvoorbeeld: dysartrie ten gevolge van multiple sclerose of de ziekte van Parkinson). De spraak is moeilijk verstaanbaar omwille van een stoornis in de spierspanning en/of de coördinatie van de spieren. De logopedist geeft oefeningen om de spraak en de andere mondfuncties te verbeteren. Daarnaast wordt er gezocht naar hulpmiddelen om de spraak te ondersteunen of te vervangen.

Stotteren:

    • Stotteren: stotteren is een stoornis in het vloeiende verloop van de spreekbeweging. Stotteren kan zich uiten in het herhalen van klanken of woorddelen, het aanhouden van klanken of het blokkeren bij het op gang komen van de stemgeving en de articulatie. Naarmate de stoornis ernstiger wordt, treden secundaire gedragingen op. We zien dan bijvoorbeeld negatieve emotionele en cognitieve reacties. Deze kunnen resulteren in spreekangst en vermijdingsgedrag. Stotteren begint nagenoeg steeds tussen het tweede en het zevende levensjaar. Vroegtijdig ingrijpen is cruciaal om stotteren niet te laten evolueren tot een handicap.

Taalstoornissen:

    • Taalontwikkelingsstoornissen: de taalontwikkeling verloopt volgens een bepaald patroon (de verschillende stadia van de taalontwikkeling). Bij een aantal kinderen kent die ontwikkeling een vertraagd of afwijkend verloop. De problemen treden zowel op in de ontwikkeling van de taalvorm (verbuigingen en vervoegingen en de zinsbouw), de taalinhoud (woordenschat) als in de ontwikkeling van het taalgebruik.

    • Lees-, schrijf- en rekenstoornissen: dyslexie, dysorthografie en dyscalculie vinden hun oorsprong in tekorten in het taalvermogen van het kind, terwijl er sprake is van een normale intelligentie. Het kind heeft dan moeilijkheden met het omzetten van de gesproken taal in geschreven taal (=spellen). Ook het omzetten van de schrijftaal naar spraak (=lezen) verloopt moeilijk. Bij rekenstoornissen (dyscalculie) is er sprake van een achterstand voor specifieke rekenvaardigheden.

    • Neurologische taalstoornissen: afasie is een verworven taalstoornis (bijvoorbeeld na een beroerte of een trauma). Iemand met afasie verliest door een hersenletsel zijn vermogen om taal te begrijpen en/of te gebruiken. Ook het lezen en schrijven kunnen aangetast zijn. Andere bijkomende problemen kunnen zijn: verlammingen, problemen met het geheugen, oriëntatieproblemen,…

Bron: Blux T., Kindt J., Lefevere S.; Informatiefolder: “Wat is logopedie?” (www.vvl.be).

Wat mag ik verwachten van de eerste afspraken?

Er wordt steeds gestart met een intakegesprek. Tijdens dit gesprek wordt kort nagegaan welk probleem zich stelt en wat de vragen zijn van de ouders of de cliënt. Verder worden de nodige gegevens verzameld die belangrijk zijn voor het logopedisch onderzoek zelf.

Aan de hand van de verzamelde gegevens worden testen afgenomen. Deze testen dienen om na te gaan of er een duidelijk aanwijsbare achterstand / een duidelijk probleem is.

Tijdens een volgende afspraak worden de testresultaten en de besluiten van deze resultaten besproken met de cliënt of de ouders. Indien het opstarten van een logopedische begeleiding noodzakelijk / wenselijk blijkt, worden hieromtrent de nodige afspraken gemaakt.

Tarieven

De logopedisten in onze praktijk werken geconventioneerd. Dat betekent dat de honoraria worden gehanteerd zoals die voor alle geconventioneerde logopedisten door het RIZIV worden vastgelegd.

Voor tal van logopedische stoornissen is er, mits bepaalde voorwaarden, een gedeeltelijke tussenkomst van het RIZIV voorzien. Daarnaast gebeurt het dat, indien het RIZIV niet tussenkomt, u een tussenkomst kan genieten via een aanvullende verzekering. Voor meer informatie omtrent de tussenkomst van het RIZIV kan u terecht bij onze logopedisten of bij uw mutualiteit.

Aanvangsbilan: 30,87 €

Evolutiebilan: 44,11 €

Behandelsessie (30 min): 22,05 €

Behandelsessie (60 min): 44,11 €

Na tussenkomst van de mutualiteit wordt hiervan ongeveer 3/4de terugbetaald. Bij verhoogde terugbetaling wordt er ongeveer 7/8ste terugbetaald.

Links

 Voor nuttige links verwijzen we u graag door naar de website van de VVL – Vlaamse Vereniging voor Logopedisten (http://www.vvl.be/nuttige-links).